|
Achterstandsscholen halen referentieniveaus niet |
 Didaktief, oktober 2010. Voor achterstandsscholen wordt het halen van de referentieniveaus taal en rekenen onbegonnen werk, blijkt uit onderzoek van het Kohnstamm Instituut. ‘Witte’ elitescholen daarentegen kunnen tevreden achterover leunen. Het is nog maar de vraag of de referentieniveaus de onderwijskwaliteit zullen verhogen.
Sinds augustus zijn de referentieniveaus taal en rekenen van kracht. Van de leerlingen moet 75 procent een vastgesteld fundamenteel niveau halen en 50 procent een streefniveau. Dat is voor veel leerlingen echter niet haalbaar, blijkt uit onderzoek van het Kohnstamm Instituut. Voor begrijpend lezen in groep 8 halen bijvoorbeeld alleen autochtone leerlingen met middelbaar of hoger opgeleide ouders in 75 procent van de gevallen het fundamentele niveau. Van de allochtone leerlingen met middelbaar en hoger opgeleide ouders haalt slechts 64 tot 71 procent dit niveau. Van de leerlingen met lager opgeleide ouders (allochtoon en autochtoon) haalt 48 tot 62 procent het fundamentele niveau, en een behoorlijk deel van deze leerlingen (circa 20 procent) haalt zelfs een lager gesteld minimumniveau niet. Als het de bedoeling is om scholen hierop te gaan beoordelen, is de kans reëel dat straks vrijwel alle ‘zwarte’ scholen tot zwakke school worden bestempeld. ‘Witte’ scholen met de meer kansrijke leerlingen worden evenmin geprikkeld om te werken aan hogere taal- en rekenprestaties: zij halen immers het gewenste niveau al. En omdat deze scholen in Nederland in de meerderheid zijn (ongeveer tweederde deel van alle scholen), zal er per saldo waarschijnlijk weinig winst worden geboekt op de gemiddelde taal- en rekenresultaten. Klik hier voor het hele artikel
|